(?)

Tochtigheid Controleren
Tijdens de bronstcyclus (tochtperiode), die 3 weken duurt, veranderen de hormonen van de koe constant. De werking van de hormonen hebben invloed op het gedrag van de koe. Hierdoor verandert het gedrag. Tijdens de bronst zie je die veranderingen heel duidelijk. De bronst wordt ook wel tocht, of tochtigheid genoemd. (in sommige regio’s van Nederland zeggen ze ook wel dat de koe dan bols, ritsig, spullig of deunsk is). In de dierenarts sector zeggen ze van koeien die tochtig zijn dat zij oestrus zijn, of ook wel oestrisch. Dit is een periode in de cyclus waarin de koe sterk de neiging heeft om te gaan paren. Alleen tijdens de bronst of kort ervoor/erna kan de koe na de paring of na KI drachtig worden.

De kunst
Voor een boer is het de kunst om te kunnen zien wanneer een koe tochtig is of niet. Dit lijkt veel gemakkelijker dan het in werkelijkheid is. De tocht van de koe kun je zien aan het gedrag. Maar  ook aan het uiterlijk van de koe kun je de cyclus herkennen. Een klein deel van de koeien laten zulke duidelijke symptomen zien dat je geen twijfel hebt over de tocht.

De symptomen van de tochtigheid worden niet alleen tochtigheidsverschijnselen genoemd maar ook tochtverschijnselen, tochtigheidssignalen, tochtsignalen, bronstsymptomen, bronstverschijnselen en bronstsignalen.


Betrouwbare Symptomen
Het meest betrouwbare symptoom van de tochtigheid is wanneer ze door een stier of een andere koe wordt besprongen. Een tochtige koe blijft altijd staan. Dit wordt ook wel het starereflex genoemd.

Een ander symptoom van de tocht is wanneer de koe vaginaslijm loslaat. Je moet wel dit tochtslijm goed herkennen en het niet gaan verwarren met ander slijm wat uit de vulva kan lopen. Als je geen tochtslijm ziet dan wil dat nog niet zeggen dat de koe dan niet tochtig is.
Tochtige koeien worden niet altijd besprongen, zelf kunnen zij namelijk ook andere koeien bespringen. Dit doen ze vooral aan het begin van hun tochtigheid.

Buiten deze 3 kenmerken zijn er nog een aantal andere symptomen waar je tochtigheid aan kunt herkennen. Deze symptomen worden ook wel de subtiele tochtigheidsverschijnselen genoemd. Als je deze verschijnselen ziet dan ben je minder zeker of die koe ook daadwerkelijk tochtig is.
Hoewel deze verschijnselen minder betrouwbaar zijn kunnen ze toch wel van groot belang zijn om te kunnen zien of de koe tochtig is of het juist nog moet worden. Als de boer al zijn aandacht op die koe richt dan kan hij zelfs één of meerdere van deze kenmerken herkennen. Soms kun je ook onterecht het idee hebben dat een koe tochtig is al je dan te ijverig bent in het waarnemen van de subtiele signalen kan dit leiden tot slechte bevruchtingsresultaten.

Tochtsignalen
Deze signalen staan in volgorden van belangrijk naar minder belangrijke signalen.
- Staande tocht/starereflex.
- Anderen bespringen aan de kopkant.
- Anderen bespringen.
- Kin op het kruis van een andere koe leggen.
- Ruiken/likken aan de vulva van een andere koe.
- Besprongen worden door andere koeien, maar niet blijven staan.
- Onrust/vechten.
- Meer loeien.
- Slijmen.

Als één of meerdere van deze signalen herkend worden dan is het hoogst waarschijnlijk dat de koe tochtig is. Hoe meer signalen er herkend worden hoe zekerder je bent van de tocht.


Een gezonde koe wordt natuurlijk duidelijker tochtig dan een koe die dat niet is. De bronstexpressie is bij iedere koe weer anders. Als boer doe je je best om die subtiele signalen te herkennen. Zo krijg je wel met meer twijfelgevallen te maken maar ook met meer gevallen waarbij de kans op bevruchting van de koe erg laag is. Als zo’n koe dan gedekt wordt of wordt geïnsemineerd dan dalen de bevruchtingsresultaten. Dit feit wordt versterkt doordat je als boer de neiging zult hebben om duidelijk minder te letten op koeien die eerder al een aantal keren in dat seizoen zijn gedekt of geïnsemineerd. Dit heeft weer als gevolg dat je vaker een tochtigheid zult gaan missen.

Hulpmiddelen tochtdetectie
Boeren kunnen soms zulke grote problemen hebben met de tochtigheidswaarneming, wat ze dan gaan doen is dat ze dan besluiten om een apparaat aan te schaffen dat het opsporen van tochtige koeien makkelijker maakt. Dit apparaat kan goed van dienst zijn. Het moet dan wel alleen gebruikt worden als een hulpmiddel en niet als een vervangend systeem voor de aandacht van de boer.
Er zijn verschillende hulpmiddelen voor tochtdetectie, zoals stappentellers, veestiften en kleurpatronen.

Stappentellers
Stappentellers worden vooral gebruikt in stallen met grote aantallen koeien. Ze zijn verkrijgbaar in een hals -en pootversie. De pootversie geeft het beste resultaat omdat de koeien altijd meer bewegen met hun hals en daardoor valse meldingen kunt krijgen. De activiteiten van elke koe worden geregistreerd en vergeleken met de activiteiten over dezelfde tijdstippen enkele dagen eerder. Een tochtige koe is altijd actiever dan normaal. Op het scherm van het systeem kun je dan ook duidelijk zien vanaf welk tijdstip de activiteit is begonnen. Dit is ideaal omdat je dan het begin van de tocht nauwkeurig kunt vaststellen voor een goede inseminatiemoment. Een ander voordeel van de stappentellers is dat zxe altijd hun werk doen, 's nachts, in het weekend, tijdens drukke perioden. Ze detecteren ongeveer 90% van de koeien die tochtig zijn, terwijl boeren die 3,4x per dag goed kijken naar hun koeien maar op ongeveer 70% uitkomen.



Veestiften & Kleurpatronen
Deze worden minder vaak gebruikt. Met een veestift worden koeien op de rugwervels bij het staartstuk geverfd. Als de koe vaak wordt besprongen, gaat de verf eraf en blijft het haar rechtop staan.
Bij de kleurpatronen wordt een plastic buisje op het kruis van de koe gelijmd. Als de koe wordt besprongen verkleurt de inhoud van het buisje.
Beide systemen hebben 2 nadelen. Ze kunnen niet worden gebruikt in stallen waar een stalborstel is en ze richten zich alleen op de staande tocht. Slechts 40% van de koeien laat die maar zien.

Tochtige koeien zoeken altijd het gezelschap van andere dieren op, het liefst nog van een stier. Boeren kunnen hun stier dan ook opstallen in de buurt van de koeien, zorg er wel voor dat er een goede afscheiding tussen zit.
Er is nog een nieuw hulpmiddel in ontwikkeling, namelijk het detecteren van de tocht met behulp van camera's.